Handhavingsbesluit

Bij een collegiale toets van een door mij voor een klant opgesteld handhavingsbesluit, vraagt de betreffende collega waarom ik daarin geen alinea over zakelijke werking heb opgenomen. Ben ik die misschien vergeten? Op mijn wedervraag waarom hij dat in dit geval in het handhavingsbesluit zou willen opnemen, luidt het antwoord: “Tja, omdat we dat eigenlijk altijd (zo) doen.” Als ingehuurd juridisch adviseur handhaving krijg ik die reactie wel vaker en eigenlijk vind ik dat helemaal niet erg. Het biedt namelijk een mooie kans om te kijken of een organisatie ook openstaat voor een frisse blik. Ik geef aan dat de regeling van zakelijke werking (artikel 5.18 van de Wabo) een discretionaire bevoegdheid betreft. Dit zowel voor wat betreft het toekennen van zakelijke werking aan een handhavingsbesluit als ten aanzien van de beslissing tot daadwerkelijke tenuitvoerlegging van dat handhavingsbesluit jegens de rechtsopvolger. Noch de wettekst noch de parlementaire geschiedenis bevat criteria voor de toepassing van deze bevoegdheden. Daarnaast komt het bevoegd gezag beoordelingsvrijheid toe ten aanzien van de vraag of er sprake is van bijzondere omstandigheden die zich tegen tenuitvoerlegging van het handhavingsbesluit jegens de rechtsopvolger verzetten. Wel dient het bevoegd gezag er uiteraard voor te zorgen dat de genomen besluiten steunen op een evenredige belangenafweging en voorzien zijn van een deugdelijke motivering. Verder moet de uit het oogpunt van rechtszekerheid voortvloeiende verplichting van (tijdige) kenbaarheid van de zakelijke werking (Wkpb) niet worden vergeten. Ik leg mijn collega vervolgens gemotiveerd uit dat ik de mogelijkheid van zakelijke werking zeker heb overwogen, maar er in dit concrete geval voor kies om geen zakelijke werking aan het handhavingsbesluit te verbinden. Hij vindt het een duidelijk verhaal en het zet hem aan het denken. Ik ben blij met zijn vraag. Op die manier kan ik ook als inhuurkracht een (kleine) bijdrage leveren aan het scherp houden van de organisatie van de klant. En dat is één van de dingen in mijn werk waar ik veel voldoening uit haal. Dat is Exsin. Wij zijn niet uniek in wat we doen. Maar wel in de manier waarop.